Op 9 februari 2010 presenteerde Google een nieuwe dienst genaamd Google Buzz. Buzz werd door Google in het kort beschreven als:
A new way to start conversations about the things you find
interesting and share updates, photos, videos and more
De presentatie creëerde veel opschudding in het social media landschap (zie onderstaande grafiek van Google Trends). Dit kwam omdat door middel van Buzz, Google de aanval openlijk inzette op Twitter en Facebook. Doordat Buzz automatisch beschikbaar kwam voor alle GMail 36 miljoen (in 2009) gebruikers was de eerste stap gezet naar een flinke userbase.
Google Trends overzicht van Buzz
Extra Bereik
Zoals ik het gebruik nu zie is het vooral een extra kanaal. Veel mensen laten automatisch de berichten die gemaakt worden, automatisch ‘door plaatsen’ naar verschillende sociale netwerken. Denk dan hierbij aan Yammer, Twitter, LinkedIn, Hyves of Facebook. Nu is daar een kanaal bij gekomen (Google Buzz). Het voordeel van dit kanaal is dat de ontvangende partij zich niet hoeft aan te melden bij een specifiek social netwerk, de meeste mensen hebben tenslotte al een GMail adres.
Bij FiFa wordt mooi weer gegeven hoe het gebruik van Twitter, Facebook en Buzz zich tot elkaar verhouden. Het is duidelijk te zien dat Facebook ver weg het meeste is gebruikt om de pagina te delen met vrienden.
Conclusie
Het lijkt er op dat de hype die Google Buzz heet weer voorbij is getrokken. Dat wil niet zeggen dat niemand het meer gebruikt. Echter de claim die Google heeft gemaakt “een nieuwe manier om discussies te beginnen” lijkt niet te worden waargemaakt. Het bereik van het bericht wordt vergroot door Google Buzz te gebruiken. Tevens zie ik dat content gedupliceerd wordt naar Buzz in plaats van unieke content te plaatsen, dat wil zeggen content wat niet op Twitter/Facebook wordt geplaatst.
Het blijkt meer een additioneel kanaal voor het zelfde bericht voor een groter bereik.
Nee, dit artikel heeft niets te maken met een Nederlands energiebedrijf. Het gaat erom dat bedrijven vandaag moeten beginnen met social media. Om dit punt duidelijk te maken maak ik de vergelijking tussen het starten van social media initiatieven en het starten van een bedrijf.
Er wordt veel geschreven over de professionalisering en de noodzaak van strategie rond social media en de inzet hiervan. Hieraan wil ik niets afdoen, echter ik wil hier de nadruk leggen op de fase hiervoor. Om vanuit niets een strategie te ontwikkelen inclusief succes factoren, KPI’s etc. geeft het gevoel dat er met een kanon een mug wordt te lijf wordt gegaan.
Een bedrijf starten
Bij het starten van een nieuw bedrijf is een vaak gehoord advies: gewoon beginnen, niet morgen maar vandaag. Natuurlijk behoord hier onderzoek bij, de ondernemer bedenkt een product/dienst, kijkt naar de vraag, concurrentie en wat de afzet markt. Echter daarna moet de grote sprong gemaakt worden en begonnen met zakendoen. Naargelang de ondernemer bezig is zal deze de strategie vormen of bijstellen. Ik probeer hier niet aan te geven dat ondernemers geen business plan nodig hebben echter je kunt niet alles plannen, na de initiële planning moet de ondernemer gewoon doen!
Social media starten
Ik zie dat bij veel bedrijven social media wordt ‘dood gepland’. Er wordt erkend dat social media iets is waar wat mee wordt moet worden gedaan. Echter is dit vroege stadium wordt er vaak gegrepen naar de business case. Hierin wordt beschreven wat het doel is, de investering, de verwachte inkomsten en hoe deze te meten. Het is een uitdaging om dit zonder ervaring in social media op te stellen. Dit resulteert erin dat het plan niet van de grond komt omdat de business case niet sluitend is.
Eerst proeven dan eten
Net als de ondernemer die van start gaat zonder gedetailleerde business plan moet bij social media ook eerst gestart worden voordat een gedetailleerde business case gemaakt kan worden.
Het is erg moeilijk om een business case te maken zonder ervaring in het onderwerp te hebben. In project management termen is een iteratieve aanpak beter dan een waterval methode voor het beginnen met social media. Laat eerst een klein team de social media wereld verkennen: wat voor tools zijn er, waarvoor worden deze gebruikt en wat zijn de mogelijkheden voor het bedrijf. De nadruk moet hierbij liggen op meedoen in plaats van kijken, het team moet ervaren hoe de social media wereld werkt.
Na deze verkenningfase kan er bekeken worden wat de mogelijkheden zijn voor de organisatie in social media. Nu heeft het team om meer ervaring en kennis om zich te verdiepen in materie zoals Return On Investment. Op basis van de eerdere ervaring en de kennis van specifieke onderwerpen kan er nu een business case gemaakt worden met betrekking tot het gebruik van social media.
Conclusie
Om een business case te maken is kennis en ervaring nodig. Als ondernemer komt dit meestal automatisch, je start niet snel een bedrijf met een product wat je niet kent. Bij social media mist deze basis kennis en wordt gelijk een stap gemaakt naar de business case. Hierbij wordt de verkenning en het vergaren van basis kennis overgeslagen. De conclusie is dan ook: start klein met social media, kijk, doe mee, leer en schaal dan op naar een organisatie brede implementatie.
Vraag aan lezers
Hoe is bij jullie het gebruik van social media tot stand gekomen? Bottom up door het eerst te gebruiken, proberen en testen? Of, vanuit niets naar de inzet van social media organisatiewijd met bijbehorende business case?
Deze week kwam ik twee interessante video’s tegen over social media welke ik mijn lezers niet wilde onthouden. De eerste komt van socialroadtrip.nl en gaat over de ROI van social media.
De tweede video komtvan thewebpitch.com en gaat over vijf social media lessen.
Via de twitter berichten van Erno Hannink zag ik de tien spelregels van (calimero)marketing voorbij komen. De tien spelregels (hieronder getoond) zien er simpel uit maar omvat wel alles wat van belang is.
1. Stel vragen en durf te kiezen
2. Bouw structureel aan een krachtig netwerk
3. Ga actief je boodschap verkondigen
4. Gebruik de pers voor je bedrijf
5. Zorg voor goede ondersteunende middelen
6. Leid actieve zoekers naar je bedrijf
7. Geef bestaande klanten voorrang
8. Werf nieuwe klanten op persoonlijke wijze
9. Wees trots op je status van ondernemer
10. Plan, balanceer, evalueer en floreer
Op de website van Calimeromarketing staat een verdere beschrijving van het boek. Het boek is al vanuit 2004 dus ik roep dan ook iedereen op die het boek heeft gelezen zijn of haar mening te delen! Tevens is sinds kort Calimeromarketing 2.0 uitgekomen. Ondanks dat de titel een beetje eenvoudig is (2.0 erachter plakken) lijkt mij dit boek het lezen waard. Ook omtrent dit boek roep ik mensen op om ervaringen te delen. Zodra ik het gelezen heb zal ik een boek review online zetten.
De afgelopen weken heb ik het boek ‘Grown Up Digital’ van Don Tapscott gelezen. Het boek gaat over wat hij noemt de ‘Net Gen’ generatie (mensen geboren tussen ‘77 en ‘97 ). In zijn boek richt Don Tapscott zich met name op hoe de Net Genners verschillen met eerdere generaties op het gebied van leren, werken, sociale contacten en hoe zij tegen de wereld aankijken.
Het boek is opgedeeld in drie delen met in totaal elf hoofdstukken. Het eerste deel beschrijft de net generatie in verhouding tot eerdere generaties. Een belangrijk onderdeel zijn hierbij de acht Net Gen normen, welke zijn: vrijheid, aanpasbaarheid, eerlijkheid, integriteit, samenwerken, entertainment, snelheid en innovatie.
Het tweede deel richt zich op de verandering in instituten, denk dan aan Net Genners in het onderwijs, de arbeidsmarkt, als klanten en in de familie. Het belangrijkste punt is hierbij dat organisaties moeten veranderen in lijn met de acht Net Gen normen. Doen ze dat niet dan zullen ze de boot missen of zullen Net Genners een andere manier vinden om toch het doel te bereiken.
Het derde en laatste deel gaat over de veranderingen in de samenleving. Ten tijde van het schrijven van het boek ziet Don Tapscott het gebruik van nieuwe media en Net Genners bij de president verkiezingen van Amerika in 2008. Dit is natuurlijk een heel bekend voorbeeld van de kracht van het beschikbaar stellen van de juiste tools. Verder geeft hij een aantal voorbeelden van jonge mensen die door middel van internet de wereld problematiek proberen aan te pakken. Dit laatste deel is, vind ik, wel erg positief beschreven. Het lijk nu dat de Net Gen generatie alle wereld problemen zal gaan oplossen in de komende jaren. Dit lijkt mij onwaarschijnlijk maar geheel terecht geeft hij aan dat de middelen en mogelijkheden nu beter zijn dan ooit te voren om deze problemen aan te pakken.
Conclusie
Het is een leuk boek en leest lekker weg. Zelf als Net Genner zie ik veel van mijzelf terug in het boek. Aan het einde van elk hoofdstuk staan steeds de hoofdpunten waardoor het ook gemakkelijk terug leest. Tevens is het boek erg veel onderbouwd door verschillende soorten onderzoek waardoor het een stuk meerwaarde krijgt. Het is daarom niet alleen de mening van Don Tapscott het is een gefundeerde mening waar je niet omheen kunt.
Ik wil dit boek dan ook aan iedereen aanraden die te maken heeft met de Net Gen generatie!
Did you know ? Human Capital Edition – 2009. How technology influences and is influenced by Human Capital Management. Amazing research on the development and evolution from the industrial age to the information age and globalization. Make an enquiry at http://www.PeopleStreme.com for a Facts Sheet..
Response to the original shift happens production (Did you know ?). This movie was intended to answer some of the questions left by the original. Movie developed and researched by Lyle Potgieter, Mark Middleton, Fabrice Ho Fi and Renee Thorn.
Maandag 28 september j.l. heb ik mijn presentatie en verdediging van mijn afstudeeronderzoek gehad aan de technische universiteit Delft. Dit allemaal is succesvol afgerond en beloond met het eindcijfer 7. Daarmee komt mijn Management of Technology master tot het einde en verkrijg ik het recht om mijzelf Ingeneur (Ir.) te mogen noemen.
De afgelopen tijd heb ik op mijn eigen blog en FrankWatching delen van mijn onderzoek gepubliceerd. Hierop heb ik veel leuke reacties gehad (bedankt hiervoor!). Het lijkt dan mij ook vanzelfsprekend om de gegeven eindpresentatie en het volledige document te delen.
Reacties met op en aanmerkingen zijn nog altijd welkom!
Dit laatste deel van deze serie over het gebruik van Web 2.0 in de reis, retail en zorg sectoren gaat over de bevindingen in en aanbevelingen uit mijn onderzoek. Van elke sector heb ik tien bedrijven geanalyseerd om vast te stellen wat Web 2.0 toevoegt aan multi-channel management (MCM). Deze laatste dimensie is aan het onderzoek gekoppeld om Web 2.0 ten opzichte van een andere variabele te kunnen meten.
In de MCM literatuur wordt als het gaat om het verkoopproces vaak gesproken over de pre-sales, sales en after sales fases. Deze fases zijn door Simons (2006) verder uitgewerkt naar zestien specifieke stappen (zie de drie afbeeldingen hierna).
De pre-sales fase
In de pre-sales fase wordt Web 2.0 vooral gebruikt als een extra kanaal om klanten met het product te laten kennis maken of informatie te verstrekken. De tools die hier vaak voor worden gebruikt zijn: Twitter, bloggen en verschillende soorten sociale platformen. Een uitzondering is de decision support stap, in deze stap maakt de koper zijn afweging welk product bij welke leverancier te kopen.
Web 2.0 is in staat om dit proces te faciliteiten door middel van reviews & rating van producten, diensten en winkels.
De sales fase
In de daadwerkelijke sales fase wordt geen Web 2.0 gebruikt. Dit is een vast omlijnd proces wat gebruikt maakt van traditionele kanalen.
De after sales fase
In de after sales fase zijn de traditionele kanalen sterk vertegenwoordigd in de vorm van ‘my pages’. Dit zijn persoonlijke portalen die de gebruiker in staat stelt om zijn contact gegevens te beheren, recente orders te bekijken en nog meer zaken, veelal afhankelijk van het soort bedrijf.
Bevindingen
Een aantal punten vallen op bij het analyseren van de websites en de resultaten:
Web 2.0 wordt vooral gebruikt als een additioneel kanaal naast de traditionele kanalen om met de klant te communiceren.
Er zijn veel gedeelde kanalen, waarbij het onderscheid tussen traditionele en Web 2.0 kanalen steeds verder vervaagt. Voorbeelden zijn hiervan zijn het via schermen tonen van online product reviews in fysieke winkels en het naadloos integreren van reviews & ratings in een productpagina.
Bedrijven moeten leren omgaan met de dynamiek van Web 2.0. Traditioneel gezien veranderen kanalen zelf slechts zeer beperkt, en de content maar een aantal keer per jaar. Door Web 2.0 worden de kanalen zelf sneller aangepast en de content is vaak zo goed als real time (met beschikbaarheid bijvoorbeeld). Tevens heeft bij traditionele kanalen het bedrijf de controle over de kanalen en de content. Bij Web 2.0 wordt deze controle overgegeven aan de klant. Wanneer een bedrijf een bepaald kanaal niet gebruikt zie je ook vaak dat klanten het bedrijf dwingen om het te gebruiken. Op Twitter wordt er gesproken over producten van bedrijf X om deel te nemen aan deze conversatie is bedrijf X gedwongen om te registeren bij Twitter en dit kanaal te gaan gebruiken.
In mijn onderzoek ben ik uitgegaan van de wel bekende pre-sales, sales, after sales fases. Het lijkt er echter op dat dit geen lineair proces is, maar meer een cirkel waar pre-sales en after sales zijn verbonden. Een aantal kanalen kan gezien worden als after-sales omdat gebruikers elkaar helpen het product beter te gebruiken terwijl dit ook gezien kan worden als pre-sales en gebruikers kan motiveren om het product te kopen.
Conclusies
Om het onderzoek en deze serie van drie artikelen af te ronden kan ik zeggen dat Web 2.0 in staat is om iets toe te voegen aan multi-channel management. Dit is vooral in de vorm van extra kanalen die de klant in staat stellen om een conversatie te starten met het bedrijf en andere klanten.Tools die veel worden gebruikt zijn publishing, social networking en Twitter . Tevens heeft dit onderzoek wat licht laten schijnen op het vaak onduidelijke Web 2.0 door de drie aspecten te ontwikkelen (sociaal, technisch en business).
Het was voor mij een zeer interessant onderwerp en ik hoop via deze blogpost bij de lezers een stukje kennis over te brengen. Het onderzoek zelf was erg leuk en leerzaam om te doen. Via deze weg wil ik iedereen die geholpen heeft heel erg bedanken! Het volledige rapport zal binnen elke dagen beschikbaar komen op www.sjoerdblauw.nl.
Dit is een onderdeel van mijn onderzoek naar het gebruik van Web 2.0 in de reis, retail en gezondsheids- sector gefaciliteerd door Accenture. Oorspronkelijk in het Engels geschreven en voor Frankwatching samengevat en vertaald (zie ook Web 2.0: een wetenschappelijk perspectiefen Web 2.0: Toepassingen vergelijken). Heb je interesse in het volledige stuk of in mijn onderzoek, laat dan even een reactie achter!
Voor mijn afstudeeronderzoek heb ik eerder een beschrijving gemaakt van Web 2.0. Hierin kwamen drie aspecten naar voren, te weten, een sociaal aspect, een technisch aspect en een bedrijfsaspect. Te samen vormen deze aspecten een Web 2.0 applicatie.
Nu kwam ik gisteren de three spheres of web strategy’ van Jeremiah Owyang (analist bij Forrester) tegen. Jeremiah noemt de aspecten iets anders maar de onderliggen de gedachtes blijven het zelfde.
Er is een duidelijk verschil in de totstandkoming van beide modellen. Bij wetenschappelijk onderzoek kunnen niet zomaar modellen van Forrester worden gebruikt. Deze modellen zijn gebaseerd op ervaring, zo ook dit model van Jeremiah. In mijn onderzoek ben tot de aspecten gekomen door middel van een uitgebreid literatuur onderzoek. Op deze manier is er stof tot discussie, andere onderzoekers zijn het misschien niet eens met mijn conclusies maar kunnen dan aangeven waar ik fouten zou maken. Met het model van Jeremiah mist de onderbouwing en is een inhoudelijke discussie moeilijk.
Het is niet mijn doel om het model van Jeremiah af te kraken, in tegendeel, zijn model gebaseerd op ervaring is het zelfde als mijn model gebaseerd op onderzoek. Ik vind het leuk dat hij met het zelfde soort model komt als bekende analist bij Forrester. Voor hem is het interessant dat iemand door middel van wetenschap tot het zelfde resultaat komt en dat zijn bevindingen dus correct zijn.
Vanaf 2009 is hij werkzaam bij Accenture. Hier is hij onderdeel van een team wat vraagstukken oplost voor klanten rond het gebruik van internet, (interne) portals, ECM en BI.