Deze week kwam ik twee interessante video’s tegen over social media welke ik mijn lezers niet wilde onthouden. De eerste komt van socialroadtrip.nl en gaat over de ROI van social media.
De tweede video komtvan thewebpitch.com en gaat over vijf social media lessen.
Via de twitter berichten van Erno Hannink zag ik de tien spelregels van (calimero)marketing voorbij komen. De tien spelregels (hieronder getoond) zien er simpel uit maar omvat wel alles wat van belang is.
1. Stel vragen en durf te kiezen
2. Bouw structureel aan een krachtig netwerk
3. Ga actief je boodschap verkondigen
4. Gebruik de pers voor je bedrijf
5. Zorg voor goede ondersteunende middelen
6. Leid actieve zoekers naar je bedrijf
7. Geef bestaande klanten voorrang
8. Werf nieuwe klanten op persoonlijke wijze
9. Wees trots op je status van ondernemer
10. Plan, balanceer, evalueer en floreer
Op de website van Calimeromarketing staat een verdere beschrijving van het boek. Het boek is al vanuit 2004 dus ik roep dan ook iedereen op die het boek heeft gelezen zijn of haar mening te delen! Tevens is sinds kort Calimeromarketing 2.0 uitgekomen. Ondanks dat de titel een beetje eenvoudig is (2.0 erachter plakken) lijkt mij dit boek het lezen waard. Ook omtrent dit boek roep ik mensen op om ervaringen te delen. Zodra ik het gelezen heb zal ik een boek review online zetten.
Al eerder schreef ik over de project life cycle en de project life cycle 2.0. Vandaag kwam ik een nieuwe variatie tegen, nog steeds simpel duidelijk en (helaas) herkenbaar.
De afgelopen weken heb ik het boek ‘Grown Up Digital’ van Don Tapscott gelezen. Het boek gaat over wat hij noemt de ‘Net Gen’ generatie (mensen geboren tussen ‘77 en ‘97 ). In zijn boek richt Don Tapscott zich met name op hoe de Net Genners verschillen met eerdere generaties op het gebied van leren, werken, sociale contacten en hoe zij tegen de wereld aankijken.
Het boek is opgedeeld in drie delen met in totaal elf hoofdstukken. Het eerste deel beschrijft de net generatie in verhouding tot eerdere generaties. Een belangrijk onderdeel zijn hierbij de acht Net Gen normen, welke zijn: vrijheid, aanpasbaarheid, eerlijkheid, integriteit, samenwerken, entertainment, snelheid en innovatie.
Het tweede deel richt zich op de verandering in instituten, denk dan aan Net Genners in het onderwijs, de arbeidsmarkt, als klanten en in de familie. Het belangrijkste punt is hierbij dat organisaties moeten veranderen in lijn met de acht Net Gen normen. Doen ze dat niet dan zullen ze de boot missen of zullen Net Genners een andere manier vinden om toch het doel te bereiken.
Het derde en laatste deel gaat over de veranderingen in de samenleving. Ten tijde van het schrijven van het boek ziet Don Tapscott het gebruik van nieuwe media en Net Genners bij de president verkiezingen van Amerika in 2008. Dit is natuurlijk een heel bekend voorbeeld van de kracht van het beschikbaar stellen van de juiste tools. Verder geeft hij een aantal voorbeelden van jonge mensen die door middel van internet de wereld problematiek proberen aan te pakken. Dit laatste deel is, vind ik, wel erg positief beschreven. Het lijk nu dat de Net Gen generatie alle wereld problemen zal gaan oplossen in de komende jaren. Dit lijkt mij onwaarschijnlijk maar geheel terecht geeft hij aan dat de middelen en mogelijkheden nu beter zijn dan ooit te voren om deze problemen aan te pakken.
Conclusie
Het is een leuk boek en leest lekker weg. Zelf als Net Genner zie ik veel van mijzelf terug in het boek. Aan het einde van elk hoofdstuk staan steeds de hoofdpunten waardoor het ook gemakkelijk terug leest. Tevens is het boek erg veel onderbouwd door verschillende soorten onderzoek waardoor het een stuk meerwaarde krijgt. Het is daarom niet alleen de mening van Don Tapscott het is een gefundeerde mening waar je niet omheen kunt.
Ik wil dit boek dan ook aan iedereen aanraden die te maken heeft met de Net Gen generatie!
Did you know ? Human Capital Edition – 2009. How technology influences and is influenced by Human Capital Management. Amazing research on the development and evolution from the industrial age to the information age and globalization. Make an enquiry at http://www.PeopleStreme.com for a Facts Sheet..
Response to the original shift happens production (Did you know ?). This movie was intended to answer some of the questions left by the original. Movie developed and researched by Lyle Potgieter, Mark Middleton, Fabrice Ho Fi and Renee Thorn.
Maandag 28 september j.l. heb ik mijn presentatie en verdediging van mijn afstudeeronderzoek gehad aan de technische universiteit Delft. Dit allemaal is succesvol afgerond en beloond met het eindcijfer 7. Daarmee komt mijn Management of Technology master tot het einde en verkrijg ik het recht om mijzelf Ingeneur (Ir.) te mogen noemen.
De afgelopen tijd heb ik op mijn eigen blog en FrankWatching delen van mijn onderzoek gepubliceerd. Hierop heb ik veel leuke reacties gehad (bedankt hiervoor!). Het lijkt dan mij ook vanzelfsprekend om de gegeven eindpresentatie en het volledige document te delen.
Reacties met op en aanmerkingen zijn nog altijd welkom!
Dit laatste deel van deze serie over het gebruik van Web 2.0 in de reis, retail en zorg sectoren gaat over de bevindingen in en aanbevelingen uit mijn onderzoek. Van elke sector heb ik tien bedrijven geanalyseerd om vast te stellen wat Web 2.0 toevoegt aan multi-channel management (MCM). Deze laatste dimensie is aan het onderzoek gekoppeld om Web 2.0 ten opzichte van een andere variabele te kunnen meten.
In de MCM literatuur wordt als het gaat om het verkoopproces vaak gesproken over de pre-sales, sales en after sales fases. Deze fases zijn door Simons (2006) verder uitgewerkt naar zestien specifieke stappen (zie de drie afbeeldingen hierna).
De pre-sales fase
In de pre-sales fase wordt Web 2.0 vooral gebruikt als een extra kanaal om klanten met het product te laten kennis maken of informatie te verstrekken. De tools die hier vaak voor worden gebruikt zijn: Twitter, bloggen en verschillende soorten sociale platformen. Een uitzondering is de decision support stap, in deze stap maakt de koper zijn afweging welk product bij welke leverancier te kopen.
Web 2.0 is in staat om dit proces te faciliteiten door middel van reviews & rating van producten, diensten en winkels.
De sales fase
In de daadwerkelijke sales fase wordt geen Web 2.0 gebruikt. Dit is een vast omlijnd proces wat gebruikt maakt van traditionele kanalen.
De after sales fase
In de after sales fase zijn de traditionele kanalen sterk vertegenwoordigd in de vorm van ‘my pages’. Dit zijn persoonlijke portalen die de gebruiker in staat stelt om zijn contact gegevens te beheren, recente orders te bekijken en nog meer zaken, veelal afhankelijk van het soort bedrijf.
Bevindingen
Een aantal punten vallen op bij het analyseren van de websites en de resultaten:
Web 2.0 wordt vooral gebruikt als een additioneel kanaal naast de traditionele kanalen om met de klant te communiceren.
Er zijn veel gedeelde kanalen, waarbij het onderscheid tussen traditionele en Web 2.0 kanalen steeds verder vervaagt. Voorbeelden zijn hiervan zijn het via schermen tonen van online product reviews in fysieke winkels en het naadloos integreren van reviews & ratings in een productpagina.
Bedrijven moeten leren omgaan met de dynamiek van Web 2.0. Traditioneel gezien veranderen kanalen zelf slechts zeer beperkt, en de content maar een aantal keer per jaar. Door Web 2.0 worden de kanalen zelf sneller aangepast en de content is vaak zo goed als real time (met beschikbaarheid bijvoorbeeld). Tevens heeft bij traditionele kanalen het bedrijf de controle over de kanalen en de content. Bij Web 2.0 wordt deze controle overgegeven aan de klant. Wanneer een bedrijf een bepaald kanaal niet gebruikt zie je ook vaak dat klanten het bedrijf dwingen om het te gebruiken. Op Twitter wordt er gesproken over producten van bedrijf X om deel te nemen aan deze conversatie is bedrijf X gedwongen om te registeren bij Twitter en dit kanaal te gaan gebruiken.
In mijn onderzoek ben ik uitgegaan van de wel bekende pre-sales, sales, after sales fases. Het lijkt er echter op dat dit geen lineair proces is, maar meer een cirkel waar pre-sales en after sales zijn verbonden. Een aantal kanalen kan gezien worden als after-sales omdat gebruikers elkaar helpen het product beter te gebruiken terwijl dit ook gezien kan worden als pre-sales en gebruikers kan motiveren om het product te kopen.
Conclusies
Om het onderzoek en deze serie van drie artikelen af te ronden kan ik zeggen dat Web 2.0 in staat is om iets toe te voegen aan multi-channel management. Dit is vooral in de vorm van extra kanalen die de klant in staat stellen om een conversatie te starten met het bedrijf en andere klanten.Tools die veel worden gebruikt zijn publishing, social networking en Twitter . Tevens heeft dit onderzoek wat licht laten schijnen op het vaak onduidelijke Web 2.0 door de drie aspecten te ontwikkelen (sociaal, technisch en business).
Het was voor mij een zeer interessant onderwerp en ik hoop via deze blogpost bij de lezers een stukje kennis over te brengen. Het onderzoek zelf was erg leuk en leerzaam om te doen. Via deze weg wil ik iedereen die geholpen heeft heel erg bedanken! Het volledige rapport zal binnen elke dagen beschikbaar komen op www.sjoerdblauw.nl.
Dit is een onderdeel van mijn onderzoek naar het gebruik van Web 2.0 in de reis, retail en gezondsheids- sector gefaciliteerd door Accenture. Oorspronkelijk in het Engels geschreven en voor Frankwatching samengevat en vertaald (zie ook Web 2.0: een wetenschappelijk perspectiefen Web 2.0: Toepassingen vergelijken). Heb je interesse in het volledige stuk of in mijn onderzoek, laat dan even een reactie achter!
Voor mijn afstudeeronderzoek heb ik eerder een beschrijving gemaakt van Web 2.0. Hierin kwamen drie aspecten naar voren, te weten, een sociaal aspect, een technisch aspect en een bedrijfsaspect. Te samen vormen deze aspecten een Web 2.0 applicatie.
Nu kwam ik gisteren de three spheres of web strategy’ van Jeremiah Owyang (analist bij Forrester) tegen. Jeremiah noemt de aspecten iets anders maar de onderliggen de gedachtes blijven het zelfde.
Er is een duidelijk verschil in de totstandkoming van beide modellen. Bij wetenschappelijk onderzoek kunnen niet zomaar modellen van Forrester worden gebruikt. Deze modellen zijn gebaseerd op ervaring, zo ook dit model van Jeremiah. In mijn onderzoek ben tot de aspecten gekomen door middel van een uitgebreid literatuur onderzoek. Op deze manier is er stof tot discussie, andere onderzoekers zijn het misschien niet eens met mijn conclusies maar kunnen dan aangeven waar ik fouten zou maken. Met het model van Jeremiah mist de onderbouwing en is een inhoudelijke discussie moeilijk.
Het is niet mijn doel om het model van Jeremiah af te kraken, in tegendeel, zijn model gebaseerd op ervaring is het zelfde als mijn model gebaseerd op onderzoek. Ik vind het leuk dat hij met het zelfde soort model komt als bekende analist bij Forrester. Voor hem is het interessant dat iemand door middel van wetenschap tot het zelfde resultaat komt en dat zijn bevindingen dus correct zijn.
Deze artikelen zijn gebaseerd op het WI3 Enterprise 2.0 groeimodel van De Koning, Van Doremaele, Van der Sleen. De artikelen geven een kort maar duidelijke uitleg van de concepten rond Enterprise 2.0. Wat mij veel meer interesseerde is het Enterprise Social Media Maturity Model wat hij vanuit de eerder genoemde artikelen heeft opgesteld.
Het ESM3 model bestaat uit drie fases welke een organisatie doorlopen en richt zich dan op 4 perspectieven binnen de organisatie. Het model zelf, de fases, perspectieven en de invulling voelt heel natuurlijk. Wanneer je er over nadenkt voel je dat ‘het klopt’. Dit is ook gelijk mijn grootste wantrouwen, de onderbouwing voor waarom welke elementen zijn gekozen ontbreekt. Enkele punten die mij nu naar binnen schieten:
Hoe is de transformatie gegaan van de originele 5 fases uit het WI3 groeimodel naar 3 in dit model.
Hoe is de uitsplitsing van perspectief (social, business, organization en technology) naar categorieën tot stand gekomen en is deze volledig?
Hoe zijn de categorieën te meten binnen een organisatie? Hoe wordt visie en strategie bijvoorbeeld gemeten? En dus hoe wordt dit model toegepast?
En het meest belangrijke: wat zijn de stappen die een organisatie moet doen om te ontwikkelen naar de volgende fase? Het is leuk om te weten in welke fase de organisatie zich bevind, het is nuttig om te weten hoe nu verder te gaan richting de volgende fase.
Conclusie
Door het lijstje van punten die vragen oproepen lijkt dat het geen nuttig model is. In tegendeel, ik denk dat het Enterprise 2.0 maturity model praktisch inzetbaar is en door zijn eenvoud ook gemakkelijk in te zetten is in verschillende soorten organisaties. Het is nu zaak om het model verder uit te werken en organisaties te helpen om de transitie te maken tussen de verschillende fases. Het is nu nog een model wat de huidige staat van de organisatie weergeeft, het moet worden uitgewerkt naar een compleet framework om de organisatie op te sturen en te veranderen.
Mijn afstuderen zit ondertussen in de afrondende fase en ik ben mij ondertussen aan het oriënteren op een baan voor november 2009. Meer publicaties rond mijn onderzoek zullen zowel op sjoerblauw.nl en frankwatching.com binnen kort volgen.
Voor november ben ik opzoek naar een functie binnen bedrijf om klanten te adviseren op het gebied van internet, strategie, sociale netwerken, Web 2.0 of Enterprise 2.0.
Zoals te zien is in mijn CV heb ik een bachelor Informatica (cum laude) en een master Management of Technology. Dit stelt mij in staat om mijn de wensen van de klant te combineren met de technische inzichten en de interactiviteit van het internet. Ik wil mij graag in dit gebied verder ontwikkelen omdat ik zelf tot de generatie Y behoor en bedrijven wil helpen de kracht van het internet te benutten.
Heeft u een vacature of weet u iemand die nog op zoek is naar een young professional op het gebied van internet strategie neem dan contact op via e-mail.
Vanaf 2009 is hij werkzaam bij Accenture. Hier is hij onderdeel van een team wat vraagstukken oplost voor klanten rond het gebruik van internet, (interne) portals, ECM en BI.